‘Fioretti-Fenomeen’ Mark de Kievit: ‘Ik houd van docenten die uit de kast komen en laten zien waar ze passioneel voor zijn.’

Mark de Kievit (Rotterdam, 26 juli 1978) is rector van het Fioretti College in Lisse. Aan de Sportlaan in het tulpendorp begon hij ruim 25 jaar geleden als 22-jarig groentje als docent geschiedenis. In een kwart eeuw zag hij de school veranderen en professioneler worden, terwijl de familiecultuur altijd behouden bleef. De school bloeit, wat passend bij de naam is, want Fioretti betekent ‘bloemetjes’ in het Italiaans. Tegelijkertijd staat Fioretti voor een grote uitdaging die niet eens zozeer onderwijskundig is. „Ik vind het heel gezond dat iedere schoolleider de docent mist die hij of zij ooit was.”

Op een vrijdagmiddag in maart staan archiefmappen in keurige stapels in de kamer van de rector. Die mappen bevatten onder meer vergeelde knipsels over de oprichting van de school, foto’s uit de jaren zestig tot en met de late jaren tachtig en, misschien het meest bijzonder, handgeschreven inschrijvingen van leerlingen van het Fioretti. Terwijl De Kievit door een map bladert, vertelt hij over de geschiedenis van ‘zijn’ Fioretti. Even later klinkt hij weer als die bezielende geschiedenisdocent die hij jarenlang was, alsof hij weer voor 5-havo staat in lokaal 360. Of, iets recenter, in 202. Over die oude mappen met handgeschreven inschrijvingen: „Het leuke is nog: de achternamen van de eerste Fioretti-leerlingen zijn nog steeds dezelfde achternamen als die van de huidige leerlingen.”

Al die herinneringen roepen ook vragen op over zijn eigen achtergrond. De Kievit groeide op in Barendrecht. Op het Walburg in Zwijndrecht, op driekwartier fietsen, haalde hij in de zomer van 1996 zijn vwo-diploma. De wortels van de schoolleider liggen echter ietsjes noordelijker. Zo komen zijn beide ouders uit Rotterdam-Zuid: z’n moeder uit Lombardijen, z’n vader uit Charlois. „En dus kan er maar één voetbalclub zijn waar mijn hele familie aan verknocht is, en dat is Feyenoord. Hoewel ik wat minder voetbalminnend ben dan de rest, ben ik ook voor Feyenoord”, aldus De Kievit, die precies één maand en één dag na de verloren WK-finale tegen Argentinië ter wereld kwam.

Voorbestemd voor de TU Delft
Na het vwo koos hij, ondanks zijn natuurstroomprofiel, verrassend voor een studie maatschappijgeschiedenis aan de Erasmus Universiteit. „Ik was voorbestemd om in Delft te studeren”, vertelt de rector, die zich tijdens een open dag op de technische universiteit in de Prinsenstad naar eigen zeggen echter helemaal niet gelukkig voelde. „Toen ben ik geschiedenis gaan studeren in Rotterdam. Een verschrikkelijk toffe tijd, met als doel om journalist te worden.”

Maar met dat doel liep het anders. Tijdens zijn eerste werkgroep aan de universiteit ontmoette De Kievit Daan Schuijt en de twee raakten bevriend. Jaren later vroeg Schuijt, toen docent geschiedenis op het Fioretti, aan De Kievit of hij interesse had om wat uurtjes geschiedenis te geven aan leerlingen op een middelbare school in Lisse. De Kievit reisde voor het sollicitatiegesprek zo’n anderhalf uur per trein en per bus vanuit Rotterdam naar de Bollenstreek. Met enigszins lichte spot: „Ik wist écht niet waar Lisse lag.” Het is dan augustus 2000.

Aan de Sportlaan bleef het in de jaren hierna echter niet bij het doceren van geschiedenis alleen. Achtereenvolgens werd hij decaan, coördinator, teamleider, conrector en samen met Rob de Kleijn duo-rector. Sinds het schooljaar 2024-2025 is De Kievit, na het pensioen van De Kleijn, de enige rector van de school. „Het is zeker te doen in mijn eentje en ik vind het ook heel leuk om het in mijn eentje te doen, maar ‘in mijn eentje’ is ook relatief. Want er zijn twee fantastische conrectoren (Mirjam Meinema en Ron van der Slot, red.) met wie ik het samen doe en die allerlei talenten hebben die ik niet heb. Daardoor is het heel fijn samenwerken.”

Goede resultaten met helaas een keerzijde
Die samenwerking betaalt zich inmiddels flink uit, al staat het Fioretti al sinds jaar en dag goed bekend. De slagingspercentages liegen er dan ook niet om. Op alle niveaus (mavo, havo en vwo) liggen de slagingspercentages rond of boven de 90 procent. De sterke havo-afdeling haalde recentelijk zelfs 97,8 procent. De Kievit: „Wat ik perfect vind, ook omdat alle andere indicatoren vanuit de inspectie, zoals doorstroom in de onderbouw, óók groen zijn. Ik vind dat we het goed doen, waarbij de spanning wel zit in het feit dat er in deze tijd veel leerlingen met grote mentale problemen zijn.”

Een uitgebreid ondersteuningsteam
Daarom staat er inmiddels op de school een flink zorgteam klaar. „Dat zorgteam is de laatste jaren alleen maar uitgebreid en geprofessionaliseerd. Er zijn ook mensen bij gekomen zonder docentenachtergrond, terwijl dat in het begin altijd wel zo was. Nu hebben ze alle vier een achtergrond in de brede zorg en ondersteuning. Als je ziet wat zij allemaal verstouwen, heb ik daar groot respect voor. Die goede zorg is op dit moment ook echt wel nodig.” De Kievit ziet die mentale problematiek bij leerlingen nu dan ook als een van de grote uitdaging van deze tijd en wijst op een duidelijk verschil met pakweg vijftien jaar geleden.

Voorheen was immers een groep duidelijk nooit een zorggroep: meisjes met een hoog cognitief niveau. Dat is nu wel anders. „Die meisjes kampen met hele complexe, vaak mentale problemen, die zich bijvoorbeeld uiten in een eetstoornis. Heel lang waren deze meiden automatisch de backbone voor goede resultaten op het vwo: ze werkten hard en hadden gemiddeld ook meer discipline dan jongens.”

Onderwijs in onzekere tijden
Op de vraag wat dan nu de onderwijskundige uitdagingen zijn, gaat De Kievit in op de onzekerheid van deze tijd, met name in geopolitiek opzicht. „Hoe zorg je ervoor dat leerlingen vaardigheden ontwikkelen waarmee ze niet alleen zichzelf, maar ook de samenleving verder helpen? Hoe geef je leerlingen vanuit hun eigen kwaliteiten een gevoel van zelfvertrouwen mee? Ook is het belangrijk dat onze leerlingen ondanks deze tijd positief blijven en optimistisch zijn.”

Een succesvolle, praktische havo
Ondanks de uitdagingen blijven de slagingspercentages hoog. De Kievit – meestal in een sportjackie en op sneakers („De grootste misvatting over mij is dat ik gymdocent ben”) – vindt het vooral geruststellend dat wie eenmaal in het examenjaar zit, doorgaans ook slaagt. Het hoge percentage op de havo komt echter niet uit de lucht vallen. In het schoolplan zijn bovendien pedagogische en didactische richtlijnen opgenomen die goed bij havo-leerlingen aansluiten. De rector: „Op de havo blijkt de relatie keer op keer extreem belangrijk te zijn. Je moet concreet zijn in wat je vraagt en eist, duidelijke grenzen stellen en werken met opdrachten vanuit de praktijk. Net als op de mavo zijn we op de havo steeds meer gericht op reële en concrete situaties. Dat alles met een sterk havo-bovenbouwteam, dat leerlingen naar hun diploma begeleidt en tegelijkertijd werkt aan een positief zelfbeeld van deze leerlingen.”

Die praktijkgerichtheid binnen het havo-onderwijs komt duidelijk naar voren in de samenwerking met de gemeente Lisse, die als opdrachtgever van de havo-afdeling fungeert. De Lissese gemeenteraad nam zelfs al twee moties van leerlingen aan. Daarnaast is er het vak Fioretti Sport en Leiderschap bedacht. Dat vak gaat nog verder dan BSM (bewegen, sport en maatschappij), waarbij leerlingen leren hoe het is om een leider te zijn, anderen te coachen en hen in beweging te krijgen. „Dat vind ik wel tof en past echt bij de havo. Onze vwo-leerlingen kunnen dit vak niet kiezen. Die kunnen op hun beurt wel kiezen voor het vak Fio Academie, dat zich vanaf de brugklas richt op onderzoeksvaardigheden.”

Cultuur van hoge verwachtingen door De Transformatieve School
Hierbij werd wel de hulp ingeroepen van De Transformatieve School, een verbetercultuur- en professionaliseringsprogramma. Binnen deze transformatieve verbetercultuur werken docenten gezamenlijk aan een omgeving waarin leerlingen kunnen floreren. Dankzij dit programma is er binnen een aantal docententeams een groeiend gezamenlijk zelfvertrouwen en gedeeld geloof in het bieden van goed onderwijs en het verbeteren van leerprestaties van leerlingen. Dit heet collective teacher efficacy. „Dat lukt steeds beter. Zo staan er op de mavo en havo teams die dat goed kunnen en zelf ook praktisch van aard zijn”, zegt de schoolleider.

Het zelfvertrouwen als team ontstaat onder meer door veel van elkaar te leren, bijvoorbeeld via collegiale visitatie. Tegelijkertijd groeit ook het zelfvertrouwen van leerlingen door hoge en uitdagende verwachtingen naar hen uit te spreken. Bijgevolg kan dit weer bijdragen aan student self-efficacy: het geloof van leerlingen in hun eigen kunnen en daarmee een van de belangrijkste factoren voor studiesucces.

Vanuit passie leerlingen meenemen
Maar in hoeverre lijken al deze ideeën eigenlijk op De Kievits visie op goed onderwijs? Voor hem draait het in eerste instantie ook om de verbinding. De passie van die docent voor het vak vindt hij echter minstens zo belangrijk. „Ik houd van docenten die uit de kast komen en laten zien waar ze passioneel voor zijn. Ik geloof erin dat leerlingen dat merken, daardoor extra in beweging komen en dat het zelfs besmettelijk werkt. Ergens is het onze taak om leerlingen in een wereld te trekken waar ze van nature niet willen zijn. Dat vind ik zo mooi aan school: ik vind dat onderwijs werelden moet openen.”   

Van geschiedenis naar een ‘bijdetijds vak’
Zelf lag zijn hart altijd bij het vak geschiedenis, al geeft hij dat inmiddels al een jaar of vijf niet meer. Sinds twee jaar geeft hij af en toe digitale vaardigheden aan brugklassers, waarin de omgang met AI centraal staat. „Ik vind het heel gezond dat iedere schoolleider de docent mist die hij of zij ooit was. Ik mis het contact met leerlingen: het dollen, de grap, de onverwachtheid én de kick van het inzicht. Waar ik als docent ook echt een kick van kreeg, was als een leerling een 9 haalde op zijn eindlijst. En dat je dus écht eruit haalt wat erin zit.”

Fioretti toen en nu
Door zijn eigen geschiedenis kan De Kievit de ontwikkeling van het Fioretti in de afgelopen 25 jaar goed schetsen. Docenten werken nu meer samen dan rond het jaar 2000, moeten tegenwoordig meer verantwoording afleggen en vertonen professioneler gedrag. „Het Fioretti waar ik in 2000 mocht komen, was een school met behoorlijk wat excentrieke mensen. Dat was leuk, maar soms ook verschrikkelijk voor leerlingen. Het werd allemaal getolereerd: docenten die geen les gaven of docenten die strooiden met gele en rode kaarten”, herinnert de 47-jarige Rotterdammer zich, die het oude schoolgebouw (sinds januari 2014 heeft het Fioretti College een nieuw onderkomen) nimmer als onprettige locatie heeft ervaren. Nostalgische gevoelens naar dat gebouw bewaart hij echter niet.

Familiecultuur verenigd met professionele houding
Nu is het Fioretti, naast een school met goede examenresultaten en een professionele organisatie, óók een school met een familiecultuur. Niet verwonderlijk: de school is immers door een katholiek echtpaar gesticht, dat bevriende katholieke mensen overhaalde om er docent te worden. „Deze school heeft in zijn grondvesten een familiecultuur. Ik vind dat je een familiecultuur kunt verenigen met een professionele houding. Die familiecultuur uit zich in een prettige omgang, respect voor elkaar, vriendelijkheid en geïnteresseerd zijn in elkaar. De professionaliteit zit ‘m erin dat we erkennen dat we een moeilijke baan hebben waarin we samen kunnen groeien. Dingen kunnen fout gaan en daar moeten we op een gestructureerde manier met elkaar over praten.”

Het Fioretti-Fenomeen
Zelf maakte De Kievit in 2025 precies 25 jaar deel uit van die Fioretti-familie. Toch had vrijwel niemand die lange onderwijsloopbaan ooit verwacht. Men zag hem destijds als te bleu en niet als iemand die graag op de voorgrond trad. Bij zijn jubileum kreeg hij van een collega een bijzondere uitgave van Suske en Wiske cadeau, met een allitererende titel die zo door Willy Vandersteen bedacht had kunnen zijn: Mark de Kievit, Het Fioretti-Fenomeen. De liefhebber van stripboeken noemde deze uitgave een „totale eer”, maar wijst juist de mensen met wie hij in zijn begintijd op Fioretti mocht werken aan als de ware Fioretti-fenomenen.

Na ruim een kwart eeuw Fioretti is bovendien zijn bevlogenheid nog niet minder geworden. Veertig jaar Fioretti hoopt De Kievit er vol te maken. „Zeker”, zegt hij, gevolgd door: „Dat denk ik wel.”